zondag 25 april 2010

De Elzenkoning van Michel Tournier

Dit is ook weer zo'n meesterwerk waar je geregeld over hoort of leest en waar je dan na lange tijd met ontzag in begint. En dat uiteindelijk toch tegen valt. Misschien komt dat doordat ik het niet allemaal gesnapt heb. Misschien komt het doordat het veertig jaar geleden 'nieuw' en 'controversieel' was, terwijl het dat nu niet of nauwelijks nog is.
Nu ik erover nadenk, weet ik ook niet meer waar en wanneer ik over het boek gelezen heb. Ik weet alleen dat het geregeld genoemd heb zien worden als een knap, mooi, indrukwekkend boek, ja zelfs "een meesterwerk". De vraag die nu rijst is: "Wanneer heeft degene die dit zegt, het boek voor 't laatst gelezen. Was dat bij het verschijnen in 1970 of was dat recent nog?"
Het kan nog al verschil maken of je een boek leest als je begin twintig bent, of wanneer je eind veertig bent. Het kan ook nog al verschil maken of je persoonlijk betrokken bent bij wat er in de roman beschreven wordt of dat je het alleen van 'verhalen' (romans of historie) kent. Aangezien De Elzenkoning over de Tweede Wereldoorlog gaat en dan ook nog over een 'collaborerende' Fransman, kan ik me voorstellen dat het in 1970 insloeg als een bom. Zeker omdat de gruwelen van de oorlog eigenlijk pas in de laatste veertig pagina's aan de orde komen. Daarvoor rommelt de hoofdfiguur eigenlijk maar wat aan om zijn hoofd boven water te houden.

Uit luiheid citeer ik hier de samenvatting van Pieter Steinz uit zijn geweldige boek "Lezen etc"
Abel Tiffauges, de Franse automonteur die een hoofdrol speelt in 'De elzenkoning', is een van de eigenaardigste helden uit de Franse literatuur -- en ook een van de afstotendste. Monsterlijk groot, dol op kinderen, en geobsedeerd door tekens en symbolen, doet hij in een 'sinister dagboek' verslag van zijn verknipte jeugd op een jongenskostschool en van zijn haat tegen de hypocriete burgermaatschappij. Daarna volgen in de derde persoon enkelvoud zijn belevenissen in de Tweede Wereldoorlog: eerst als postduivenverzorger in het Franse leger, daarna als krijgsgevangene in Oost-Pruisen, waar hij promoveert van jachtopziener op het landgoed van Göring tot ronselaar van jongetjes voor een SS-opleidingsschool. Wanneer de Russen in 1945 oprukken en het Derde Rijk instort, verdrinkt de moderne Elzenkoning Tiffauges in een moeras met een joods kind op zijn rug, een symbolisch geladen einde waar zijn hele leven naar toe lijkt te hebben geleid.
Noodlotszwanger, dat is het beste woord om Le roi des aulnes te beschrijven; en als je alleen naar de stijl kijkt: bezwerend. Tourniers liefde voor de christelijke en heidense mythes van het oude Europa resulteerde in een roman die je op verschillende niveaus kunt lezen (van Wagneriaanse impressie van het nazisme tot Freudiaanse analyse van een bezetene) maar die boven alles meeslepend is. Wie eenmaal met Tournier is meegereisd naar de gotische kastelen en donkere oerbossen van Oost-Pruisen, ziet zelfs de aandoenlijke menselijkheid in zijn monsterachtige (maar in de grond niet kwade) hoofdpersoon.

Ergens anders las ik de volgende typering: "Het klinkt behoorlijk ingewikkeld en dat is het ook, want Tournier is niet vies van een portie cerebraal knutselwerk."

Misschien is het dat wel, dat me niet zo aanstaat in het boek als geheel: te cerebraal, te veel 'tekens', te veel 'inversie'.

Wat ik dan wel weer spannend vind, is dat Tournier ook een variatie op Robinson Crusoe geschreven heeft. Toch eens uitzoeken of die ook in het Nederlands vertaald is.

zaterdag 24 april 2010

Zakken vullen: het web in een tasje


Via de weblog van Erwin Blom kwam ik vandaag terecht bij Bag the Web.
There was blogging. Then came microblogging. Now it's time for curating. Curating is the new publishing.

BagTheWeb helps users curate Web content. For any topic, you can create a "bag" to collect, publish, and share any content from the Web


Altijd op zoek naar een manier om Web 2.0 te archiveren, heb ik het meteen uitgeprobeerd.

Het principe is heel simpel. Je beschrijft een "zak" en vult die met weblinks.
Hieronder de "zak" die ik gemaakt heb voor de Pre-conference Archief 2.0: Niet voor lurkers.

Voorlopig ben ik echter nog niet overtuigd van de meerwaarde van BagtheWeb boven bijvoorbeeld good-old Delicious of Zotero. Je verzamelt links en op het eerste gezicht is er geen mogelijkheid om deze te exporteren of te bevriezen. Het enige 'vernieuwende' van BagtheWeb is dat je zakken aan elkaar kunt relateren.

Maar ik ga er de komende weken eens wat uitgebreider naar kijken

vrijdag 23 april 2010

Geen gel*l, praat allemaal mee over Archief 2.0!

Archief 2.0 is op verschillende manieren aanwezig tijdens de KVAN Studiedagen (waarvan het programma wel al klaar is, maar om onduidelijke redenen pas begin mei gepubliceerd wordt). Voorafgaand aan de studiedagen organiseren we op 14 juni een pre-conference en tijdens de studiedagen zelf verzorgen we drie sessies.

Archief 2.0: niet voor lurkers.
Het doel van de pre-conference is om de toekomst van Archief 2.0 te bespreken. Zoals Luud zegt: "Niet omdat de groei eruit is! Archief 2.0 groeit als kool. Gezien de groei van het aantal leden is er blijkbaar behoefte aan een dergelijk online platform. Het is goed om de puntjes weer eens op de "i" te zetten. Tijd voor real time feedback van de achterban!"
Hierbij zal het gaan om vragen als: Wat verwachten de leden van de community, komen die verwachtingen uit? Wat verwacht de community van hen? Hoe krijgen we meer dynamiek binnen de community, meer leden die actief deelnemen? Zijn er soms meer real life-activiteiten nodig en wat te denken van allerlei 1.0-onderwerpen die in de community plaatsvinden? Iedereen mag meepraten.

In de aanloop naar 14 juni wordt iedere week een nieuwe poll geplaatst op de website. Dit is die van deze week:


Hier vind je een volledig overzicht van alle polls. (Is er terwijl ik dit schrijf nog maar een hoor.)

Tegelijkertijd is een korte interview-reeks gestart, waarin aan actieve en minder actieve leden gevraagd wordt wat zij van Archief 2.0 verwachten. De eerste in de reeks is Petra Robben van het Regionaal Archief Tilburg en Stadsmuseum Tilburg.

We werken aan nog een paar dingetjes gewerkt, maar die kosten nog wat tijd en probleemoplossend vermogen.

Ten overvloede, je kunt uiteraard zelf ook via een blog of het forum onderwerpen aandragen voor de pre-conference.

Belangrijke gegevens Pre-conference
Wanneer?
Maandag 14 juni 2010 van 10u - 12u.

Waar?
In Kerkrade dus, in de gebouwen van Rolduc.
Aanmelden kan via de KVAN: www.kvan.nl/studiedagen.php.
Als je verder niet aan de KVAN dagen deelneemt, stuur dan een e-mail naar archief20@gmail.com.

Archief 2.0: sessies
Tijdens de Studiedagen verzorgen we drie sessies:
  • Astrid de Beer, Wouter Daemen en Christian van der Ven vertellen onder de titel If we build it, when will they come? onder andere over community-management.
  • Hanneke van Aalst, Lineke van den Bout en Poulus Bliek vertellen tijdens hun interactieve presentatie Van alle mensen, de Dingen die niet meer voorbij gaan over de gevolgen van de cursus 23 Archiefdingen binnen het Zeeuws Archief
  • En ik zelf zal tenslotte een 'verwarringsessie' verzorgen over Archiveren 2.0.
Hier vind je uitgebreidere omschrijvingen van de drie sessies.

Komt allen!

donderdag 22 april 2010

Koekje erbij?


Vandaag las ik op de website van Binnenlands Bestuur dat minister Van der Hoeven werkt aan een 'cookieverbod'.
Een van de maatregelen om de privacy van websitebezoekers te beschermen is een verbod op het ongevraagd plaatsen van cookies. Internetbedrijven mogen cookies voortaan alleen inzetten als ze de consument goed hebben geïnformeerd over waar de achtergelaten gegevens voor worden gebruikt en de websitebezoeker toestemming heeft gegeven.

Ik ben benieuwd. Zoals Chris al opmerkte, betekent dit waarschijnlijk dat je vanaf 2011 de pop-ups om de oren vliegen.
En iedere keer opnieuw he! Want een site die je al bezocht hebt en waar je tegen gezegd hebt dat je niet wil dat er cookies opgeslagen worden, kan dat niet onthouden!

Koekjes: gemaakt door Hanneke

maandag 19 april 2010

Twitter: privacy en context

Het bericht dat de Library of Congress alle tweets gaat bewaren (vanaf de allereerste en als ik het goed begrepen heb, ook alle 'nieuwe'), heeft in mijn Google Reader-lijstje tot verschillende reacties geleid.
Edwin vond het in eerste instantie een goede zaak, maar vond het jammer dat de Bibliotheek de collectie niet online beschikbaar ging stellen. In tweede instantie was hij trouwens iets minder enthousiast, omdat-ie bang is misselijk te worden van de rijstebrij-berg aan informatie.
Het Regionaal Archief Tilburg was naar aanleiding van de blog van AOTUS (wat een bijzonder acroniem is dat toch) ook enthousiast, omdat hiermee voor archivarissen (maar, voeg ik daar aan toe, vooral voor historici, sociologen of antropologen) een enorm rijke bron wordt veilig gesteld voor toekomstig onderzoek.
Christian maakte zich naar aanleiding van het bericht zorgen over zijn privacy en over wat de 'eigenaren' van de tweets van deze deal vinden. Later verwees hij in dat kader nog naar dit bericht.
En elvedebe, tenslotte, werd een beetje moe van, onder andere mijn, gehamer op de context van de tweets. Kortweg zegt ze: context is gezeur van archivarissen, dat nergens voor nodig is. Kijk maar naar een boek, dat je ook nog prima zonder omslag kunt lezen.

Vooral de punten die Chris en Elvedebe maken, roepen om een reactie.

Chris vraagt zich af of al die twitteraars er wel van gediend zijn dat hun 'efemere' uitingen voor eeuwig bewaard blijven.

Stel dat het vanaf morgen ineens praktisch haalbaar is om camera's en geluidsapparatuur te installeren in kroegen en op Griekse pleinen en zo? Zijn wij daar dan net zo blij mee als met het bewaren van onze tweets? Het is immers voor het nobele doel van de geschiedschrijving, mensen!

En een stukje verder vergelijkt hij Twitter impliciet met een "digitale kroeg, waar je vrijuit iets kunt roepen."
Hoewel ik zijn zorgen wel snap, klopt zijn vergelijking natuurlijk helemaal niet.
Allereerst die kroeg, waar je ook niet vrijuit iets kunt roepen. Als je daar heel rare dingen zegt, wordt je ook naar buiten gewerkt. En als je in een gesprek vertelt dat je naar de hoeren gaat (en cocaïne snuift), kan het je je baan (en goede naam) kosten.
De tweede reden waarom de vergelijking met camera's en microfoons in een kroeg niet op gaat, is omdat je van te voren had kunnen weten dat je berichten bewaard kunnen blijven. In de Terms of Services van Twitter staat namelijk expliciet (ja, ik las ze vandaag ook pas voor de eerste keer hoor...)

You retain your rights to any Content you submit, post or display on or through the Services. By submitting, posting or displaying Content on or through the Services, you grant us a worldwide, non-exclusive, royalty-free license (with the right to sublicense) to use, copy, reproduce, process, adapt, modify, publish, transmit, display and distribute such Content in any and all media or distribution methods (now known or later developed).

Tip: This license is you authorizing us to make your Tweets available to the rest of the world and to let others do the same. But what’s yours is yours – you own your content.

Met andere woorden: we zitten in een kroeg, waarvan we hadden kunnen weten dat er opnamen gemaakt werden, toen we de deur binnen stapten hebben we er zelfs mee ingestemd. En als dan blijkt dat die opnamen bewaard en toegankelijk gemaakt worden, dan zijn we daar opeens niet zo blij mee?

Natuurlijk kun je je afvragen wat het betekent dat je eigenaar blijft van je tweets, als Twitter er ook mee kan doen wat hij wil, maar dat had je dus veel eerder (in het geval van Christian zo rond 27 oktober 2008) moeten bedenken. Vervelend, maar kleine lettertjes zijn er om gelezen te worden.

Elvedebe schrijft in haar bericht dat sommigen met context bedoelen dat "de raadpleger in de toekomst precies hetzelfde moet zien als de gebruiker nu."

En als ik nu een oude tweet van iemand opzoek ziet de achtergrond er qua opmaak waarschijnlijk ook al weer anders uit, nog afgezien van alle updates van hootsuite, twitbird en echofon (om er maar een paar te noemen) die we inmiddels gehad hebben. Totaal onbelangrijk voor de historische sensatie.

Wat dit betreft heeft Elvedebe gelijk: de vorm van een twitterbericht is volledig ondergeschikt aan de inhoud.

Het tweede voorbeeld van context waar ze naar verwijst zijn links die zouden moeten blijven werken, opdat het mogelijk blijft een conversatie te kunnen volgen. Maar het lijkt haar niet nodig om ook de links naar externe websites te kunnen reconstrueren. Later nuanceerde ze dit nog een beetje trouwens.

Maar context is veel meer dan alleen "[d]e onderlinge samenhang tussen verschillende stukken in een archief, de samenhang van diverse overheidsdiensten en bedrijven, en dus van administraties inderdaad."

Twee voorbeelden om het wat te verduidelijken, eentje over e-mail, eentje over een prins.


"Well done"
Deze twee woorden in een e-mail kostten Veiligheidsadviseur John Pointdexter in 1986 zijn baan in het Witte Huis. De e-mail was gericht aan Oliver North naar aanleiding van zijn valse verklaringen voor een onderzoekscommissie over illegale wapenleveranties.
De betekenis van deze twee woorden, kun je alleen op volledige waarde schatten als je de context weet: wie heeft het bericht wanneer en naar aanleiding waarvan naar wie gestuurd.
Als het bericht vier weken eerder was verzonden, dan had Pointdexter North misschien wel gefeliciteerd met een uitzonderlijk goed potje golf. Of als afzender en ontvanger anders zijn, gaat het misschien over iemand die een deur recht gehangen heeft, waardoor deze niet meer klemt.

Een prins
Een paar jaar geleden lag een kroonprins onder vuur, omdat hij van plan was te gaan trouwen met de dochter van een man die onderminister was in een totalitair regime. In een poging wat olie op de golven te gooien verwees de prins tijdens een bezoek aan New York naar een 'open bron', die een ander licht op de discussie zou werpen. Dat de prins hier "een beetje dom was" is alleen te begrijpen als je weet wie de auteur was van de ingezonden brief waar hij naar verwees.

Context heeft dus niet of nauwelijks iets met vorm te maken. Het gaat om alles wat nodig is om een document te kunnen begrijpen. Voor Twitter kan dit dus van alles zijn: Wie was de Tweep? Wanneer werd het getwitterd? Welke servcie werd gebruikt (zat de Tweep achter een PC of gebruikte hij een smart phone)? Waar was de tweep toen hij zijn bericht verstuurde? Reageerde hij op een ander bericht en reageerde iemand anders nog op dit bericht? Naar welke website werd in het bericht verwezen?

En zeg nu zelf, het bijzondere van onderstaande dialoog zie je toch alleen als je weet wie en wat VincentVQ is?
VincentVQ Moet morgen nr Granada vr Telecom-overleg met Europese ministers. Zal Iberia vliegen uit Brussel? Geven vliegmaatschpijen info via Twitter?
2:17 PM Apr 17th via Tweetie

librarianbe @VincentVQ Iberia zit via @Iberiairlines op Twitter. Ook berichten over de aswolk, maar wel allemaal in het Spaans.
2:22 PM Apr 17th via TweetDeck in reply to VincentVQ

librarianbe @VincentVQ Volgens Iberia.com zou de vroegste vlucht naar Grenada vanuit Brussel op maandag zijn.
2:30 PM Apr 17th via TweetDeck in reply to VincentVQ

VincentVQ @librarianbe Hoe laat?
2:52 PM Apr 17th via Tweetie in reply to librarianbe

librarianbe @VincentVQ Kortste vlucht (altijd overstappen in Madrid): 15:00 Brussels (BRU) 17:20 Madrid (MAD) 18:35 Madrid (MAD) 19:35 Granada (GRX).
2:57 PM Apr 17th via TweetDeck in reply to VincentVQ

librarianbe @VincentVQ Brussel-Madrid Flight IB3197 en Madrid-Granada Flight IB270.
3:00 PM Apr 17th via TweetDeck in reply to VincentVQ

VincentVQ @librarianbe Tx. Dus die vlucht gaat morgen/zondag niet door?
3:12 PM Apr 17th via Tweetie in reply to librarianbe


Plaatjes:
alan cleaver, Privacy
Daniel Eizans, Context

maandag 12 april 2010

Gezien: Meuris2010 in de AB


Mijn aanwezigheid bij Subsitutie, magda? heb ik gecombineerd met een bezoekje aan de Ancienne Belgique in Brussel, waar Stijn Meuris zijn eerste concert gaf van zijn Meuris2010-tour.
Op 1 april 1990 won Noordkaap in de AB de Rockrally en precies tien jaar later speelde de band daar ook zijn laatste concert. Nu heeft Meuris een selectie gemaakt van twaalf 'composities' van Noordkaap en Monza (de andere band van Meuris) en daar een soort muzikale 'director's cut' van gemaakt.

Het concert gisteren was goed, maar niet supergoed. Meuris speelde alle grote nummers (Sateliet Suzy, Druk in Leuven, Panamarenko, Het zou niet mogen zijn, Van God los, Gigant, Arme Joe), maar het duurde een tijdje voor de band op gang kwam.

De volledige setlist was:
One minute scupture (videoprojectie)
1. Ramsi
2. Hoopvol
3. Panamarenko
4. Alles Half
5. Satelliet Suzy
6. Verloren Dag
7. De Logica in Mij
8. Soms Schrik
9. Gigant
10. Druk in Leuven
11. Een Heel Klein Beetje Oorlog
12. Van God Los
13. Wat een Fijne Dag / Het Zou Niet Mogen zijn

Bisnummers:
14. Wie Danst Er Nog?
15. Arme Joe

Eigenlijk werd het pas echt leuk toen Meuris aan zijn tweede fles witte wijn begon, dat was zo rond Gigant. In ruim 80 minuten verzwolg hij trouwens twee hele flessen.

Uit de eerste helft vond ik wel de uitvoering van Alles half erg indrukwekkend. Hieronder de originele album-versie van Monza daarvan.



Voor de mensen die Meuris, Noordkaap en Monza niet kennen, op Grooveshark is meer te vinden en Spectrum is daar ook integraal te beluisteren.

O ja, nog een aanvulling: ik was die avond in het gezellige gezelschap van Tom C.

De foto is van Thomas Verfaille

De setlist komt van Sterrennieuws.

dinsdag 6 april 2010

Nog een keer de P.C. Hooft-prijs

Naar aanleiding van mijn blogje van Tweede Paasdag, nog wat ditjes en datjes over de P.C. Hooft-prijs.
Hanneke vroeg zich af of Lehning de gemiddelde leeftijd niet erg omhoog trekt, omdat hij honderd was toen hij de prijs kreeg toegekend. Ik geloof dat dat wel meevalt. Als ik hem niet meetel, kom ik op een gemiddelde leeftijd van net iets boven de 63 uit. (Ik zou nu waarschijnlijk intelligente dingen over standaard deviatie en zo moeten zeggen, maar Wiskunde A heb ik na de vierde klas 'laten vallen.')
Verder vroeg Hanneke zich af wie in de jury zit. Voor 2010 waren dit Janet Luis (voorzitter), Geert Buelens, Alle Lansu, Saskia Pieterse en Leo Pleysier. Verder lees ik op de website van de prijs zelf dat het een wisselende jury is. Als ik veel tijd heb, ga ik eens proberen uit te zoeken of de leeftijd van de juryleden van invloed is op de toekenning van de prijs. (Want ik denk dat Hanneke daar een beetje op doelde...)

Tenslotte heb ik ook eens bekeken of ik iets van de laureaten gelezen heb of in de kast heb staan.

Van 27 auteurs heb ik iets gelezen en van 25 heb ik één of meer boeken in de kast staan. Van twee auteurs had ik eigenlijk nog nooit gehoord (Van Lehning wist ik alleen dat hij de prijs ooit gekregen heeft, van F.G.L. van der Meer heb ik echt nog nooit gehoord.)

Twee van de laureaten, Charlotte Mutsaers en Kees Fens, heb ik "de hand geschud", volgens mij alletwee in 1995.
Fens verhuisde in dat jaar van Scheveningen naar Amsterdam en ik heb hem toen, op voorspraak van professor Van Halsema, geassisteerd bij het inruimen van zijn bibliotheek. Heb toen in een paar dagen een kleine vijfduizend boeken gestofzuigd (!) en in de kast gezet. Hij had daar overigens een redelijk eigen systematiek voor.
Van Mutsaets hebben we tijdens een college Verhaalanalyse haar meesterwerk Rachels rokje bestudeerd. Aan het eind kwam zij (vol verbazing en soms enigszins gepikeerd) onze analyses aanhoren.

maandag 5 april 2010

P.C. Hooftprijs is voor oude mannen

Gisteren stierf Rudy Kousbroek en in de krappe minuut die het NOS Journaal hieraan wijdde, werd in ieder geval verteld dat hij in 1975 de P.C. Hooft-prijs voor zijn essays kreeg. Ik heb vandaag eens uitgezocht wat ik al langer vermoedde: De P.C. Hooft-prijs is voor oude mannen. Kousbroek was 46 toen hij de prijs kreeg en daarmee is hij de op twee na jongste laureaat, na Lucebert en Gerard Reve.
Even een paar feitjes op een rijtje. De prijs bestaat sinds 1947 en werd de eerste paar jaar toegekend aan speciefieke werken. Vanaf 1956 is het een oeuvreprijs die afwisselend wordt toegekend voor proza, essayistiek en poëzie. Tussen 1956 en 2010 is de prijs 49 keer uitgereikt (om wat voor reden dan ook, is hij zes keer niet uigereikt). Ik beperk me nu even tot die 49 uitreikingen.
Dus: 49 keer uitgereikt en maar acht keer aan een vrouw. (Toevallig de eerste en de laatste keer trouwens.)
Eerlijk gezegd helaas niet verbazingwekkend natuurlijk ...


Maar dan dit: Wanneer zijn de laureaten (omdat de prijs wordt 'toegekend' wil ik niet 'winnaars' schrijven) geboren?

Van de 49 "prijsontvangers" zijn er maar vier na 1940 geboren en maar één na 1945.

En nog eentje dan:
Hoe oud waren de laureaten toen ze de prijs ontvingen? De jongste was 43, de oudste 100 en de gemiddelde leeftijd was 63 jaar en bijna 10 maanden. Hier een volledig overzicht, van jong naar oud. (Ik had deze tabel willen embedden, maar dat lukt niet. En ik wil NU naar bed...)

Met andere woorden, de gemiddelde laureaat van de P.C. Hooft-prijs is een man van bijna 64 jaar.
Wie is er volgend jaar aan beurt?

vrijdag 2 april 2010

Substitutie, magda?

Witte donderdag was ik in Brussel om tijdens een studiemiddag van de VVBAD een presentatie te geven over de Nederlandse regels en praktijk rondom vervanging. Ik was de laatste spreker in een rijtje van drie. (De presentaties worden vandaag of morgen op de site van de VVBAD geplaatst, inclusief geluidsopnamen.)
Als eerste sprak Edwin Jacobs van Time.lex. Hij beschreef wat er in de Belgische wet- en regelgeving geregeld is over de bewaring van digitale documenten in het algemeen en de conversie van papieren documenten naar digitale reproducties in het bijzonder. Als ik het goed begrepen heb, is er geen algemene Belgische wet (of afgeleide daarvan) die vervanging toestaat. (In tegenstelling dus tot ons artikel 10, vierde lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, waarin vervanging voor particulieren in algemene termen toegestaan wordt.)
Daar komt voor België dan nog bij dat er blijkbaar in veel gevallen heel specifieke eisen gelden voor de vorm en opmaak van bepaalde documenten en formulieren. Die eisen zijn zodanig ‘analoog’ gesteld, dat digitaliseren bijna onmogelijk is.
Het grootste deel van de presentatie van Jacobs ging over de vraag of je facturen digitaal mag verzenden en bewaren. Het blijkt namelijk dat je in België een factuur die je op papier hebt ontvangen of verzonden, best mag vervangen door een digitale reproductie. Het blijkt ook dat je facturen enkel digitaal mag verzenden (en ontvangen). Maar, in de circulaire die hierover gaat, wordt alleen beschreven hoe de gedigitaliseerde factuur (de reproductie dus) bewaard moet blijven. Voor het bewaren van de digitaal verzonden factuur (die dus nooit op papier heeft bestaan) zijn – nog – geen eisen geformuleerd.

Daarna was het woord aan Rolande Depoortere van de afdeling Toezicht van het Algemeen Rijksarchief. Zij vertelde dat er in de Belgische Archiefwet (uit 1955) helemaal niets geregeld is ten aanzien van vervanging. Het Algemeen Rijksarchief beschouwt daarom iedere vervanging van archiefstukken als (voortijdige) vernietiging van archiefstukken, waar vooraf toestemming van de Algemeen Rijksarchivaris of zijn afgevaardigde voor nodig is. En het Algemeen Rijksarchief heeft een duidelijke voorkeur voor bewaring van het (papieren) origineel, want de papieren drager ‘is het best gekend én is stabieler dan digitale bestanden en formaten.’
Om aan te tonen dat het Algemeen Rijksarchief hierin niet alleen staat, heeft Depoortere een kleine enquête gehouden onder de Europese Nationale Archieven om hun standpunten te horen. Nederland was (blijkbaar) de grote uitzondering, waar het oud papier niet meer veilig is. (De manier waarop dit een paar keer herhaald werd, deed me trouwens sterk denken aan de manier waarop in sommige buitenlanden gesproken wordt over ons – steeds meer afbrokkelende – softdrugsbeleid of onze huidige euthanasie- en abortuswetgeving)
Ondertussen is het Algemeen Rijksarchief wel zo ver dat ze in ieder geval met organisaties praten over de vervanging van op termijn te vernietigen archiefstukken en als ik het goed begrepen heb, hebben ze daar zelfs een brochure over uitgegeven: We gaan digitaal... Stappenplan voor de digitalisering van werkprocessen. (Maar ik geloof niet dat die digitaal beschikbaar is.)

Na een korte koffiepauze heb ik onderstaande presentatie gehouden.

Ik heb van te voren nog een beetje zitten dubben of ik heel provocatief of heel genuanceerd de vervangingspraktijk in Nederland zou gaan toelichten. Uiteindelijk is het redelijk genuanceerd geworden, maar dat was blijkbaar al provocatief genoeg. In de zaal zat een journalist die mij vroeg hoe het zat met de democratische controle op die vervanging. Want blijkbaar kon in Nederland ook waardevol cultureel erfgoed vervangen worden, zonder dat belanghebbenden daar inspraak bij konden hebben. Ik heb uitgelegd dat een beoordeling van de intrinsieke waarde van de archieven deel uitmaakt van de procedure en dat er sprake is van tenminste één besluit waar burgers bezwaar tegen kunnen maken, maar dat ze verder niet expliciet gehoord worden. Hij was hier niet erg door overtuigd, dus het zou best kunnen dat er vandaag in de een of andere krant in Vlaanderen staat dat in Nederland zomaar oude, waardevolle archieven worden gescand en vernietigd!

Naderhand bij de borrel heb ik nog met een aantal aanwezigen nagepraat en het opvallende is dat het iedere keer (ook in Nederland vaak) over het vervangen van ‘oude, waardevolle papieren documenten’ gaat, documenten die zo lekker aanvoelen en zo lekker ruiken. Geen enkele keer gaat het over het probleem van hybride archieven en dat het verstandiger is om te zorgen dat je al je energie in het goed beheren van digitale archiefstukken te stoppen, zonder ook nog te hoeven nadenken over je papieren dossiers en de relaties tussen papieren en digitale documenten.

Dat is ook de reden waarom ik ondertussen een beetje vervangingsmoe begin te worden. In 2006 ben ik begonnen met schrijven van de Beleidsregel vervanging, omdat ik het krankzinnig vond dat wij als archiefinspecties digitale vervanging verboden, met het argument dat we te weinig vertrouwen hadden in digitale dragers. Maar tegelijkertijd zeiden we ook dat archieven die digitaal ontstaan waren, digitaal bewaard moesten blijven.
Helaas blijft ook in Nederland de discussie nu nog te zeer gaan over details: met welke resolutie documenten gescand moeten worden, of dat in kleur moet, en of die bestanden gecomprimeerd mogen worden. Een van de doelen van de Beleidsregel vervanging was om het voor zorgdragers mogelijk te maken al hun energie en deskundigheid te kunnen stoppen in één beheersomgeving, die geschikt is om alle digitale archieven te beheren: gescande documenten, digitaal gevormde documenten, websites, digitale ruimtelijke plannen, relationele databases en zo voort en zo verder. Tot nu toe tevergeefs, het gaat nog altijd alleen maar over digitale documenten en niet over een oplossing voor digitaal archief.

Dus, zo meteen even een niet nader te noemen adviesbureau terug bellen en zeggen dat ik niet deelneem aan aan hun rondetafeldiscussie over vervanging.
Er zijn belangrijkere dingen te bespreken!