Op de laatste dag voor de kerstvakantie
maakten de
Koninklijke Bibliotheek en het
Nationaal Archief bekend dat het kabinet besloten had dat de twee instellingen met ingang van 1 juli 2013 gefuseerd zullen zijn.
Otto en Ton schreven daar eerder al uitgebreid over. Ik wil er ook nog drie dingen over zeggen.
Bibliotheek vs archief
Uit het persbericht:
De samenvoeging van een nationaal archief en een nationale bibliotheek was in het papieren tijdperk niet gebruikelijk. Ongepubliceerde (archief) en gepubliceerde documenten (bibliotheek) vereisten verschillende manieren van bewaren en beschrijven. In het digitale tijdperk zijn de verschillen veel minder groot, en de uitdagingen van bewaren en beschrijven nagenoeg hetzelfde.
Dit kan toch niet waar zijn?
Zijn Berendse en Savenije nou echt van mening dat de bewaaromstandigheden voor papieren boeken anders zijn dan die voor papieren archiefstukken?
En denken ze echt dat het beschrijven van digitale archieven en publicaties anders is dan het beschrijven van analoge archieven en publicaties? Worden taken, werkprocessen en archiefvormers of auteurs, uitgeverijen en titels anders beschreven bij digitale archieven en collecties dan bij analoge archieven en collecties?
En heeft iemand al eens geprobeerd
ISAD(G),
ISAAR (CPF) of
ISDF aan een bibliothecaris uit te leggen, laat staan met behulp daarvan wat publicaties te beschrijven?
Misschien kan de nieuwe ZBO binnen twee jaar fuseren met
Beeld en Geluid,
DANS en, doe eens gek,
SARA? Die beheren en beschrijven ook allemaal digidingetjes...
Fusie als oplossing?
En nou stel eens dat bovenstaande citaat waar is, dat KB en NA overlappende werkzaamheden uitvoeren, is fusie dan de optimale oplossing?
Is er niet ook nog sprake van aparte verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken bij de verschillende organisaties? Ik bedoel: een subtropisch zwemparadijs en een waterzuiveringsbedrijf hebben ook overlappende werkzaamheden, maar moeten ze dan maar fuseren?
Natuurlijk zijn er overlappende werkzaamheden en waarschijnlijk is het inderdaad effectiever en efficiënter om sommige dingen gezamenlijk te doen, maar de verschillen zijn ook aanzienlijk en niet te onderschatten.
De Algemeen Rijksarchivaris bestaat bij de gratie van
artikel 25 en
26 uit de Archiefwet en is niet alleen de beheerder van de archieven in de centrale rijksarchiefbewaarplaats, hij is ook de "landsarchivaris" in de zin dat hij de belangrijkste (misschien wel enige) adviseur van de minister is als het om archiefaangelegenheden gaat. Dan gaat het dus onder meer om selectiebeleid, openbaarheid en wijzigingen van de Archiefwet en -regelgeving. Dat is toch iets anders dan het bewaren en beschikbaar stellen van wat publicaties. Een algemene rijksbibliothecaris met vergelijkbare taken en verantwoordelijkheden bestaat niet.
Daarnaast is de rol van een archiefdienst ten opzichte van de "leveranciers" van archieven toch wezenlijk anders dan de relatie die een bibliotheek met uitgevers of "contentleveranciers" heeft. In presentaties en publicaties over het e-depot blijven medewerkers van het NA benadrukken dat het cruciaal is dat het NA "naar voren in het proces moet" en dus door de archiefvormers (ministeries, hoge colleges van staat en ZBO's) al betrokken moet worden bij het ontstaan van digitale archieven. Dat lijkt me niet de natuurlijke houding en habitat van bibliothecarissen.
Tenslotte zijn de status en het belang van archieven toch ook anders dan van publicaties: archieven "bewijzen" iets,
grote misstanden of
persoonlijke herkomst. Ik denk niet dat veel bezoekers van de studiezaal van de KB in huilen uitbarsten nadat ze een publicatie aangevraagd hebben. Terwijl iedere studiezaalmedewerker van een archiefdienst dit vaker dan eens heeft meegemaakt.
Met andere woorden, natuurlijk moeten de KB en het NA samenwerken wanneer dit opportuun is, maar ieder met zijn eigen deskundigheid en zijn eigen verantwoordelijkheid. Ik ben heel bang dat deze bij een fusie ondergesneeuwd raken in een strijd om de "macht".
Rol van het NA
Het laatste wat ik erover wil zeggen is dat ik het betreur dat het NA het komende anderhalf jaar dus nog meer naar zichzelf zal gaan kijken en waarschijnlijk nog minder het expertisecentrum zal zijn, dat het
pretendeert te zijn.
Wat ik van het Nationaal Archief als expertisecentrum verwacht, is dat het een rol speelt in discussies als deze.
Nee, Martin Berendse hoeft niet mee te discussiëren op
BREED of
Archief 2.0 (dat mag wel hoor), maar volgens mij heeft het NA nog nooit iets gezegd over wat te doen met tweets, Facebook-updates, LinkedIn-pagina's, Gmail-acounts en cloud-storage. Vergelijk dat eens met bijvoorbeeld
Australië of de
Verenigde Staten.
Wat ik van het Nationaal Archief als expertisecentrum verwacht, zijn analyses en adviezen over de manier waarop RMA's en zaaksystemen gebruikt zouden kunnen of moeten worden.
Dan denk ik aan antwoorden op vragen als: Wat zijn de voor- en nadelen van Sharepoint als DMS? Welke metadata uit een zaaksysteem zijn relevant om permanent te bewaren? Vergelijk dat eens met
Groot Brittannië of
Nieuw Zeeland.
Wat ik van het Nationaal Archief als expertisecentrum verwacht, zijn begrijpelijke en bruikbare handreikingen.
Handreikingen over metadata, bestandsformaten, opslagmethoden en misschien wel WOB-verzoeken. Vergelijk dat ook eens met
Nieuw Zeeland of
Zuid-Afrika
Wat ik van het Nationaal Archief als expertisecentrum verwacht, zijn activiteiten en adviezen waar ook "de gewone man" iets aan heeft.
Dit is de beste manier om uw analoge foto's te bewaren. Zo kunt u het beste digitale bestanden opslaan. Vergelijk dat weer eens met
Amerika (of
Bewaar als, het initiatief van
Premsela.org en
BNO).
Ik vrees echter dat de komende twee jaar dus vooral besteed zullen worden aan allerlei intern organisatie-politiek landje-pik. En daar zitten we allemaal helemaal niet op te wachten.
Aanvulling 6 januari 2012, 14:24
Zie
hier nog de brief die staatssecretaris Zijlstra op 23 december 2011 naar de Tweede Kamer stuurde.
Plaatje:
Merge -> van
Lexinatrix