maandag 9 december 2013

Wet Open Overheid - zeg maar de nieuwe Wob

Afgelopen week dienden de Tweede Kamerleden Voortman (Groenlinks) en Schouw (D66) het wetsvoorstel in voor de nieuwe Wet Open Overheid.Dit wetsvoorstel is na enig duwen en trekken tussen Voortman/Schouw en het kabinet in de plaats gekomen van het voorstel van Mariko Peters van een dik jaar geleden. Voor een groot deel blijft mijn commentaar van vorig jaar nog altijd gelden.
Ook in dit voorstel vallen koepelorganisaties van openbare lichamen onder het openbaarheidsregime, maar zolang zij niet onder de Archiefwet vallen, kunnen zij "zomaar" documenten vernietigen. Overigens stond in het oude voorstel nog dat de openbaarheids regels ook golden voor alle organisaties die qua bekostiging of oprichting bijna volledig afhankelijk zijn van de overheid. In dit nieuwe voorstel is dat "optioneel" gemaakt: in een Algemene Maatregel van Bestuur kan de wetgever organisaties aanwijzen.
Ook de voorschriften voor het inrichten van een elektronisch toegankelijk register zijn ongewijzigd. De Informatiecommissaris krijgt in het nieuwe voorstel iets minder bevoegdheden dan in het oude voorstel.

Maar er staan nog wel wat andere passages in mij opvielen.
(Ik citeer hier trouwens uit de versie die Roger Vleugels afgelopen week rondstuurde via zijn Fringe-nieuwsbrief. Die versie wijkt iets af van de Groenlinks versie waar ik hier naar verwijs).
Artikel 1.1 Recht op toegang
Een ieder heeft recht op toegang tot publieke informatie zonder daartoe een belang te hoeven stellen, behoudens bij deze wet gestelde beperkingen.
[...]
2.1 Begripsbepalingen
b. publieke informatie: informatie neergelegd in documenten die berusten bij een orgaan, persoon of  college als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, of informatie die krachtens artikel 2.3 door een  bestuursorgaan kan worden gevorderd;
c. document: een bij een orgaan, persoon of college als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, berustend  schriftelijk stuk of ander geheel van vastgelegde gegevens
Gaat het in de Wob in artikel 3 nog om het recht op "informatie neergelegd in documenten over een bestuurlijke aangelegenheid", in de nieuwe wet lijkt het te gaan om alle informatie die bij een organisatie aanwezig is.
Artikel 2.4 Zorgplicht en openbaarmaking
3. Indien een bestuursorgaan overeenkomstig deze wet informatie openbaar maakt, geschiedt dat op  zodanige wijze dat de belanghebbende en belangstellende burger zoveel mogelijk wordt bereikt en  op de volgende algemeen toegankelijke wijze:
a. in elektronische vorm, in een machinaal leesbaar open formaat, samen met hun metadata,  overeenkomstig artikel 5, eerste lid, van Richtlijn 2003/98/EG van het Europees Parlement en de  Raad van 17 november 2003 inzake het hergebruik van overheidsinformatie (PbEG 2003 L 345),  zoals dit is gewijzigd bij Richtlijn 2013/37/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni  2013 tot wijziging van Richtlijn 2003/98/EG inzake het hergebruik van overheidsinformatie (PbEU  2013 L 175)
Interessant is natuurlijk de vraag welke metadata (verwarrend trouwens dat in de Archiefwet- en -regelgeving over metagegevens gepraat wordt) meegeleverd moeten worden. Dit wordt volgens mij noch in die Europese richtlijn, noch in de toelichting nader uitgewerkt.
Artikel 5.3 Informatie ouder dan vijf jaar
In afwijking van de artikelen 5.1, tweede en vierde lid, en 5.2 wordt informatie openbaar gemaakt wanneer de informatie ouder is dan vijf jaren, tenzij het bestuursorgaan motiveert waarom de in de artikelen 5.1, tweede en vierde lid, en 5.2 bedoelde belangen ondanks het tijdsverloop zwaarder wegen dan het algemeen belang van openbaarheid.
Dit is nieuw en is een interessante bepaling, zeker met het oog op het gebruik van e-depotvoorzieningen.
Artikel 8.1 Strafbepaling
1. Hij die opzettelijk een of meer documenten aan de werking van deze wet onttrekt, daaraan  opzettelijk medewerking verleent, of daartoe opdracht geeft, wordt gestraft met gevangenisstraf van  ten hoogste vier jaren en zes maanden of geldboete van de vijfde categorie.
Toelichting Artikel 8.1 Strafbepaling 
De rechtspraak biedt een voorbeeld van een bestuursorgaan dat hangende een Wob-procedure de gevraagde informatie onderbracht bij een particulier bureau om te kunnen betogen dat het niet (meer) over de desbetreffende informatie beschikte. De vraag of publieke informatie al dan niet moet worden verstrekt, moet worden beoordeeld op basis van de criteria van deze wet. Het moedwillig onttrekken van informatie aan de werking van deze wet, bijvoorbeeld door deze zoek te maken of het bestaan ervan tegen beter weten in te ontkennen, levert een met fraude vergelijkbaar ontoelaatbaar gedrag op, waarbij strafrechtelijke handhaving gerechtvaardigd is.
Artikel 8.1 is ontleend aan het Voorontwerp Algemene wet overheidsinformatie. Daar voorontwerp stelde een nieuw artikel 361bis in de titel Ambtsmisdrijven van het Wetboek van Strafrecht voor. Het voorstel richtte zich uitsluitend tot ambtenaren, in de zin dat alleen ambtenaren of anderen die in openbare dienst werkzaam zijn, met straf worden bedreigd wegens het aan de werking van de wet onttrekken van documenten. Maar ook anderen, niet werkzaam in openbare dienst, zouden een belang kunnen hebben bij het onttrekken van informatie aan de openbaarheid. Te denken valt aan de derden op wie de informatie betrekking heeft. Deze zouden, hetzij in samenwerking met een ambtenaar die de gevraagde informatie onder zich heeft, hetzij, als artikel 2.3 is toegepast, naar aanleiding van een vordering door het bestuursorgaan, informatie kunnen vernietigen. Een dergelijke gedraging dient eveneens strafbaar te zijn. Daarom wordt in dit voorstel de strafbepaling niet als een zuiver ambtsmisdrijf vormgegeven, zodat opname in de titel Ambtsmisdrijven onjuist zou zijn.
Overigens is de strafmaat ontleend aan artikel 361 Wetboek van Strafrecht, dat gaat over het
verduisteren van bewijsstukken. 
Kijk aan, het kwijt maken of vernietigen van archiefstukken wordt nu expliciet strafbaar. Explicieter dan artikel 361 Wetboek van Strafrecht in ieder geval.
Bijlage bij artikel 8.8 van de Wet open overheid
De artikelen 3.1, 3.3, 5.1, eerste, tweede en vierde lid, en 5.2 van de Wet open overheid zijn niet van toepassing voor zover de volgende bepalingen gelden:
Archiefwet 1995: de artikelen 14 tot en met 17.
Met andere woorden, de plicht tot actieve openbaarheid (artikelen 3.1 en 3.3) en de uitzonderingen (artikelen 5.1 en 5.2) gelden niet voor overgebrachte archieven.

Het voorstel ligt nu bij dus in de Tweede Kamer en ik meen ergens gelezen te hebben dat de behandeling waarschijnlijk na de winter afgerond zal zijn.

Gerelateerd
Twee nieuwe WOB's: de WOB van Spies
De VNG en de Wob
Twee nieuwe WOB's: de WOB van Peters

Plaatje: stempel van J├╝rgen Pankarz

3 opmerkingen:

  1. Ik vind dat zogeheten informatieregister - je noemt het hier niet speciaal, maar het zou een centrale rol moeten gaan spelen - wel spannend eigenlijk. Hierin (welk archiveringssysteem?) moet de overheid zijn documenten bijhouden en dat register moet openbaar zijn.
    Ik heb daar - toen heette het geloof ik nog anders - al eens een tweet aan gewijd toen ik dit eerder dit jaar in een beleidsstuk over Open overheid zag staan. Volgens Binnenlands Bestuur:

    'Register bijhouden
    Bestuursorganen moeten ook een via internet raadpleegbaar informatieregister gaan bijhouden, waarin wordt geregistreerd wat het bestuursorgaan volgens de Archiefwet moet bewaren (inkomende en uitgaande post, de belangrijkste interne stukken). Zo wordt door de Woo inzichtelijker wat voor een documenten een bestuursorgaan in huis heeft waar verzoekers toegang toe hebben.'

    Ik zie nog niet zo 123 hoe men dat gaat realiseren en met welke frequentie: de volgende dag al (qua postoverzicht moet kunnen)? Maandelijkse of kwartaalrapportages in Excel? En hoe er een slot op te gooien: openbaar/niet-openbaar ivm 'toegang'. Is het benoemen van niet-openbare stukken niet al wezenlijk vragen om problemen?
    Of wordt het alleen een database met openbare, te bewaren en 'de belangrijkste interne stukken'; in feite een vrij uitvoerige selectie dus waar dan toch ook de nodige mankracht en uren aan moet worden besteed. Maar dan kan het toch weer niet erg actueel zijn want met terugwerkende kracht?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Uit Actieplan Open Overheid:
    'Uiteindelijk maken nieuwe informatiesystemen het makkelijker om bijvoorbeeld een documentenregister of activiteitenindex op te stellen. Actieve openbaarheid houdt namelijk ook in dat aan burgers en bedrijven kenbaar wordt gemaakt welke documenten een overheidsorgaan heeft.'

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank voor je reactie Otto. Ik heb niets over het register gezegd, omdat ik dat al vorig jaar gedaan heb bij het voorstel van Peters. Volgens mij zijn artikel en toelichting nirt noemenswaardig gewijzigd. In de toelichting staat:
      "In het register worden alle ter behandeling ontvangen documenten opgenomen. Met het woord “ter behandeling” wordt aangegeven dat reclame of andere post die niet behandeld hoeft te worden, niet in het register hoeft te worden opgenomen. Tevens worden in het register opgenomen alle verzonden documenten. Uit de verzending blijkt dat een document niet langer in de conceptfase verkeert. Bij verzending wordt niet alleen gedacht aan verzending buiten het overheidsorgaan, maar ook aan verzending binnen het overheidsorgaan van het ene onderdeel naar het andere. Ook documenten waarin standpunten, beslissingen of afspraken worden vastgelegd die moeten worden bewaard en die met anderen worden gedeeld, worden in het register opgenomen. Die deling is dan een verzending als bedoeld in het voorgestelde artikel 3.2. Het criterium is dat als intern de ontvangst of verzending van een document wordt vastgelegd, het document tevens in het register moet worden opgenomen. Concepten of andere niet-voltooide documenten hoeven niet in het register te worden opgenomen. Als een concept wordt rondgezonden voor opmerkingen of commentaar, is geen sprake van verzending na behandeling, omdat de behandeling met de verwerking van de opmerkingen en het commentaar wordt voortgezet. Een concept van een verzonden document kan desondanks toch openbaar zijn, als dat concept feitelijke informatie bevat die niet kan worden aangemerkt als een persoonlijke beleidsopvatting."
      Omdat invoering van het register tijd kost, zal dit artikel pas later in werking treden. Of het echt heeel veel extra mankracht gaat kosten weet ik niet. Bij de lokale overheden is het sowieso gebruikelijk om ieder individueel document te registeren. Ik denk dat het een koud kunstje is om daar periodiek (dagelijks) een export van te maken. Daarbij kun je zelfs rekening houden met gevoelige metagegevens.
      Typisch is wel dat deze bepaling helemaal uitgaat van het ouderwetse "document-paradigma." De digitale informatie die niet als een A4-tje gezien kan worden, blijft buiten beschouwing. Zelfs voor email wordt een uitzondering gecreeerd.

      Verwijderen