vrijdag 22 februari 2013

Geen obductie ivm privacy na de dood

In de rubriek De uitspraak in de NRC ging het gisteren over een jongetje van acht, dat onverwacht en om onbekende redenen overleden was. Hoewel er geen aanwijzingen voor kindermishandeling zijn, wil de lijkschouwer toch een lijkschouwing doen. Hij vermoedt een erfelijke, medische oorzaak voor het overlijden, ook omdat het jongetje een uitgebreide medische geschiedenis had. Als de doodsoorzaak door obductie achterhaald zou worden, dan kan dat betekenen dat de broertjes en zusjes van het jongetje behandeld zouden kunnen worden.
De ouders van het jongetje geven echter geen toestemming. Ze willen hem rustig en met zo min mogelijk extra littekens begraven.

Wat zegt de rechter?
Die stelt dat er in dit geval te weinig aanwijzingen voor kindermishandeling zijn om een lijkschouwing te rechtvaardigen. In dit geval gaat het belang van de moeder, die obductie ondraaglijk vindt, voor het algemeen belang, de bestrijding van kindermishandeling.
Ten slotte stelt de rechter een open vraag, schrijft de NRC:
Als er geen aanwijzing is dat een kind is overleden door mishandeling, verbiedt dan artikel 8 uit het Europese mensenrechtenverdrag EVRM – het recht op eerbiediging van het privéleven – niet sowieso gedwongen lijkschouwing? Ook als de ouders „geen belang kunnen stellen”, dus hier neutraal in staan?
Al kan de rechter in dit geval ook nog bedoelen dat de privacy van de familieleden geschaad wordt, doordat uit het onderzoek informatie over hun gezondheid bekend wordt.

Gerelateerd
De privacy van de doden #archivecamp
Privacy na de dood
Persoonlijke levenssfeer van overledenen

Plaatje: Anatomische les van dr. Willem Röell

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen