dinsdag 6 april 2010

Nog een keer de P.C. Hooft-prijs

Naar aanleiding van mijn blogje van Tweede Paasdag, nog wat ditjes en datjes over de P.C. Hooft-prijs.
Hanneke vroeg zich af of Lehning de gemiddelde leeftijd niet erg omhoog trekt, omdat hij honderd was toen hij de prijs kreeg toegekend. Ik geloof dat dat wel meevalt. Als ik hem niet meetel, kom ik op een gemiddelde leeftijd van net iets boven de 63 uit. (Ik zou nu waarschijnlijk intelligente dingen over standaard deviatie en zo moeten zeggen, maar Wiskunde A heb ik na de vierde klas 'laten vallen.')
Verder vroeg Hanneke zich af wie in de jury zit. Voor 2010 waren dit Janet Luis (voorzitter), Geert Buelens, Alle Lansu, Saskia Pieterse en Leo Pleysier. Verder lees ik op de website van de prijs zelf dat het een wisselende jury is. Als ik veel tijd heb, ga ik eens proberen uit te zoeken of de leeftijd van de juryleden van invloed is op de toekenning van de prijs. (Want ik denk dat Hanneke daar een beetje op doelde...)

Tenslotte heb ik ook eens bekeken of ik iets van de laureaten gelezen heb of in de kast heb staan.

Van 27 auteurs heb ik iets gelezen en van 25 heb ik één of meer boeken in de kast staan. Van twee auteurs had ik eigenlijk nog nooit gehoord (Van Lehning wist ik alleen dat hij de prijs ooit gekregen heeft, van F.G.L. van der Meer heb ik echt nog nooit gehoord.)

Twee van de laureaten, Charlotte Mutsaers en Kees Fens, heb ik "de hand geschud", volgens mij alletwee in 1995.
Fens verhuisde in dat jaar van Scheveningen naar Amsterdam en ik heb hem toen, op voorspraak van professor Van Halsema, geassisteerd bij het inruimen van zijn bibliotheek. Heb toen in een paar dagen een kleine vijfduizend boeken gestofzuigd (!) en in de kast gezet. Hij had daar overigens een redelijk eigen systematiek voor.
Van Mutsaets hebben we tijdens een college Verhaalanalyse haar meesterwerk Rachels rokje bestudeerd. Aan het eind kwam zij (vol verbazing en soms enigszins gepikeerd) onze analyses aanhoren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen